Terrence Agard viert twee medailles op EK ‘We hebben gevochten voor elke centimeter’

BIRMINGHAM – Met twee bronzen medailles om zijn nek kan Terrence Agard terugkijken op een geslaagd EK atletiek in Birmingham. De 36-jarige, op Curaçao geboren sprinter stond zowel aan het begin als aan het einde van het toernooi op het podium. Maar terwijl hij geniet van het succes, dringt zich ook een grote vraag op: gaat Agard nog twee jaar door richting de Olympische Spelen van Los Angeles?
“Het is een geslaagde missie”, zegt Agard een dag nadat Nederland brons heeft veroverd op de 4x400 meter bij de mannen. “De eerste dag van het toernooi een bronzen medaille en dan weer op de laatste dag van het toernooi. Dus ja, ik kan niet klagen.”
De medaille in de mannenestafette kwam er niet zonder strijd. Agard moest tijdens zijn race knokken om zijn positie en raakte ingesloten door verschillende concurrenten.
“Mijn race was best wel spannend. Het was echt knokken en de positie verdedigen”, blikt hij terug. “De Italiaan, de Belg en de Brit maakten het me heel erg moeilijk. Ik kon echt geen kant op. Op een gegeven moment zat ik helemaal ingeboxed en moest ik bijna vanuit baan drie door de bocht.”
Vooraf had de Nederlandse ploeg één ding met elkaar afgesproken.
“We gingen vechten voor elke centimeter, elke milliseconde. Dat hadden we met z’n allen afgesproken, omdat juist dat het verschil kan maken. Ik ben heel trots en heel blij op iedereen en hoe we het hebben gedaan.”
Van Curaçao naar de Nederlandse top
Hoewel Agard inmiddels al jaren in Nederland woont, liggen zijn wortels nadrukkelijk op Curaçao. Hij werd in Willemstad geboren en groeide op het eiland op. Pas op zijn 29e verhuisde hij officieel naar Nederland.
“Ik ben gewoon geboren en getogen op Curaçao”, benadrukt Agard. “Mijn trainingen, mijn carrière, ik ben daar begonnen. Ik heb daar vrienden en familie. Het is gewoon heel mooi en bijzonder om dit te doen als Curaçaoënaar.”
Agard wijst daarbij ook naar andere atleten met een Caribische achtergrond die binnen de Nederlandse atletiek succesvol zijn. Onder hen zijn goede vriend Liemarvin Bonevacia, eveneens geboren op Curaçao.
Volgens Agard ontbreekt het op de eilanden niet aan talent. Het probleem zit volgens hem vooral ergens anders.
“Wij hebben heel veel talent, zeker voor sprinten. Maar op de eilanden hebben we niet echt de faciliteiten om die talenten door te ontwikkelen. Als ze dan de kans krijgen om naar Nederland of Amerika te gaan, waar de faciliteiten heel goed zijn, dan zie je dat ze echt stappen gaan maken.”
Hij heeft naar eigen zeggen genoeg talent gezien dat uiteindelijk niet het maximale uit zichzelf kon halen.
“Op jezelf kom je niet heel ver. Je hebt faciliteiten nodig, coaches en dat soort dingen. Gelukkig zie je dat langzamerhand meer atleten naar het buitenland gaan.”
Olympisch zilver met Bonevacia
Agard behoort al jarenlang tot de vaste namen van de succesvolle Nederlandse estafetteploegen. Zijn grootste succes behaalde hij op de Olympische Spelen van Tokio. Daar won Nederland sensationeel zilver op de 4x400 meter. Agard liep de finale samen met Liemarvin Bonevacia, Tony van Diepen en Ramsey Angela.
De band met Bonevacia gaat veel verder terug dan alleen die olympische race.
“We kennen elkaar echt al twintig jaar”, vertelt Agard. “We hebben zoveel meegemaakt. We zijn twaalf, dertien jaar geleden samen begonnen met die vier keer vier.”
Voor Bonevacia is 2026 zijn laatste jaar als topsporter. Het brons in Birmingham betekende daarmee ook een bijzondere afsluiting.
“Hij heeft een hele imposante carrière gehad. Ik ben heel trots op hem”, zegt Agard. “We hebben het ook voor hem gedaan. Het is zijn laatste bronzen medaille op internationaal niveau voordat hij stopt met de sport. Zo kan hij met een gerust gevoel met pensioen gaan.”
Los Angeles 2028 lonkt
Of Agard Bonevacia snel volgt en eveneens stopt, is nog allesbehalve zeker. Over twee jaar zijn de Olympische Spelen in Los Angeles. Agard zou daar 38 jaar zijn.
“Ik ga een beslissing maken na mijn vakantie”, zegt hij. “Ik wil nu geen beslissing nemen op basis van mijn emoties. Het is allemaal heel mooi, maar als ik doorga, dan is het gelijk voor twee jaar.”
En dat betekent opnieuw alles aan de topsport ondergeschikt maken. “Dan moet ik echt dezelfde commitment hebben. Ik moet mezelf afvragen: wil je dit echt? Wil je echt nog twee jaar volledig alles opgeven voor de Olympische Spelen?”
Fysiek voelt Agard zich nog altijd sterk. “Het is niet onmogelijk. Ik ben nu in hele goede vorm en het zou heel mooi zijn. Ik zou het graag willen.”
Maar leeftijd speelt inmiddels wel een rol. “Van 36 naar 38 is niet hetzelfde als van 26 naar 28. Twee jaar op zo’n leeftijd is best wel zwaar.”
Agard weet bovendien precies hoeveel een leven als topsporter vraagt. “Je bent eigenlijk de hele week bezig met sport. Het is je werk. Trainen, herstellen, voeding: eigenlijk ben je er de hele dag mee bezig.”
Op zijn 36e kost vooral het herstel meer aandacht. “Je hebt meer tijd nodig om te herstellen en moet meer op je voeding letten. Dat gaat niet meer zo vanzelfsprekend als wanneer je 26 bent. Wil ik dat nog twee jaar doen? Ik weet het niet. Ik zou het heel graag willen, maar het eist wel heel veel van je.”
‘Als de voordelen 51 procent zijn’
Na het atletiekseizoen wil Agard daarom afstand nemen en rustig nadenken. Hij maakt zijn keuze uiteindelijk bijna mathematisch.
“Je pakt de voor- en nadelen. En ik denk: als de voordelen 51 procent zijn, dan maak ik de keuze om het allemaal toch te gaan doen.”
Eerst wacht nog een korte reeks wedstrijden. Op 30 augustus staat in ieder geval nog een wedstrijd gepland, waarna zijn seizoen richting het einde gaat. Vervolgens trekt Agard naar Curaçao. Hij wil daar ongeveer drie tot drieënhalve week verblijven.
“Ik kan echt niet wachten. Ik heb het echt zoveel gemist”, zegt hij. “Het is heel leuk om weer thuis te zijn.”
Grote dromen voor atletiek op Curaçao
En juist dat eiland zou na zijn actieve loopbaan opnieuw een grote rol kunnen krijgen. Agard blijkt namelijk al na te denken over manieren waarop hij de atletiek op Curaçao verder kan helpen.
“Ik zou de atletiek wel willen oppakken en echt willen doorontwikkelen op het eiland”, vertelt hij. “Ik heb echt grote dromen. Ik ben best ambitieus om het niveau daar omhoog te brengen.”
Daarvoor is volgens hem meer nodig dan alleen goede bedoelingen. Hij droomt van een structurele verbinding tussen Curaçao en de Nederlandse topsport.
“We hebben daar investeerders voor nodig die echt in het project geloven. Een band creëren, een brug met Nederland, met bijvoorbeeld Papendal en NOC*NSF. Dat zou wel heel leuk zijn.”
Voorlopig is Agard echter nog altijd atleet. En zolang hij niet definitief heeft besloten te stoppen, blijft Los Angeles 2028 lonken.
Na zijn vakantie volgt het antwoord. “Ik zou het heel graag willen”, zegt Agard nogmaals. “Maar ik moet echt heel goed overwegen of ik dit nog twee jaar wil doen.”





































